Husqvarna - Eenvoud in Beweging

 

Wetsvoorstel: hogere straffen gevaarlijk rijgedrag

Minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) wil korte metten maken met verkeersdeelnemers die de veiligheid van andere weggebruikers ernstig in gevaar brengen. Met een aantal maatregelen wil hij de verkeersveiligheid verbeteren. Een en ander blijkt uit een wetsvoorstel dat vandaag voor advies naar verschillende instanties is gestuurd, waaronder het Openbaar Ministerie, de Raad voor de rechtspraak en het Fonds Slachtofferhulp. ‘De grote gevolgen die verkeersongevallen kunnen hebben voor slachtoffers en nabestaanden vragen hierom. Maar ook wanneer ernstige overtredingen met grote risico’s voor de verkeersveiligheid zonder gevolgen blijven, moeten we daartegen krachtig kunnen optreden’, aldus Grapperhaus. 

Allereerst gaat de maximale straf voor gevaarlijk rijden van twee naar zes maanden gevangenisstraf, ook in zaken zonder letsel of schade. Dat is nodig om verkeersdeelnemers steviger aan te pakken die – bijvoorbeeld door onverantwoorde inhaalacties – een gevaar op de weg veroorzaken. Rijgedrag dat ernstig genoeg is om de strafmaat te verhogen. Maar het kan erger, zo blijkt uit praktijk. Denk aan zeer gevaarlijk rijgedrag waarbij men onaanvaardbare risico’s neemt zonder acht te slaan op de veiligheid van anderen. Bijvoorbeeld opzettelijk door rood licht rijden, de maximumsnelheid volstrekt negeren of tegen de verkeersrichting inrijden. Door toeval of geluk zijn er geen slachtoffers, maar het rijgedrag heeft andere weggebruikers wel ernstig in gevaar gebracht en dat is onacceptabel. Het gaat hier om bestuurders die zich nergens wat van aantrekken en bewust allerlei verkeersregels aan hun laars lappen.

Op dit moment kunnen we tegen dit soort verkeersgedrag nog niet streng genoeg optreden. Maar straks is een gevangenisstraf van maximaal twee jaar mogelijk. Onder deze nieuwe strafbepaling valt ook het vasthouden van een mobiele telefoon achter het stuur. Hiermee laat de minister zien dat hij automobilisten zeer gevaarlijk en onverantwoord rijgedrag zwaar aanrekent – ook als zij geen ongeluk veroorzaken. Doen ze dat wél, dan is een veroordeling voor roekeloos rijden mogelijk, met een gevangenisstraf tot maximaal zes jaar.

In de wet heeft Grapperhaus duidelijker laten vastleggen wanneer er sprake is van roekeloos rijden. Daarmee verruimt hij de mogelijkheden om weggebruikers te vervolgen die onaanvaardbare risico’s nemen en de zwaarste ongelukken veroorzaken. En dan gaat het niet alleen om snelheidswedstrijden, maar bijvoorbeeld ook om een bestuurder die zonder rekening te houden met andere weggebruikers al bellend rood licht negeert, veel te hard over een kruising rijdt en een ongeval met dodelijke afloop of zwaar letsel veroorzaakt. Verder staat in het wetsvoorstel dat de strafmaxima voor verkeersdelicten als rijden onder invloed, doorrijden na een ongeval en rijden zonder (geldig) rijbewijs omhoog gaan van drie maanden gevangenisstraf naar een jaar. Dit werkt door in de straffen voor recidive. Als iemand zich binnen vijf jaar weer schuldig maakt aan rijden onder invloed kan de straf met een derde omhoog.

Het wetsvoorstel is een reactie op onderzoek uit 2017 van de Rijksuniversiteit Groningen naar de straftoemeting bij ernstige verkeersdelicten en op een onderzoek (in diezelfde periode) door Intervict (Tilburg University). Daarbij ging het om de vraag hoe slachtoffers van verkeersdelicten de (uitkomst) van de strafprocedure ervaren. De Groningse onderzoekers stelden onder meer vast dat er een groot verschil bestaat in strafmaat voor iemand die slachtoffers maakt bij roekeloos rijgedrag en iemand die met hetzelfde gedrag door een gelukkig toeval niemand letsel toebrengt. Er was sprake van een strafgat tussen (zeer) gevaarlijk rijgedrag zonder en (zeer) gevaarlijk rijgedrag met gevolgen. Ook constateerden zij dat er aanleiding was om de maximale straf voor enkele specifieke verkeersdelicten te verhogen en dat slachtoffers ontevreden waren over de opgelegde straf en de kwalificatie van het delict. De maatregelen die de minister heeft genomen, sluiten aan bij de voorstellen van de onderzoekers.

Hardere aanpak rijden onder invloed van alcohol

Het kabinet wil deelname aan het verkeer met te veel alcohol op strenger aanpakken. Minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid en minister Van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat schrijven in een brief aan de Tweede Kamer dat ze voornemens zijn daartoe een set aan maatregelen te nemen. Zo willen ze personen die met te veel alcohol op rijden sneller kunnen uitsluiten van deelname aan het verkeer en harder kunnen aanpakken. Rijden onder invloed van alcohol levert een gevaar op voor de verkeersveiligheid. In 2017 zijn ruim 17.000 bestuurders aangehouden met een promillage van 0,8 of meer. De Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV) heeft de schatting gedaan dat er in 2015 75 tot 140 verkeersdoden als gevolg van rijden onder invloed van alcohol vielen. Het doel van het kabinet is om het aantal personen dat onder invloed van alcohol deelneemt aan het verkeer te verminderen, waardoor ook minder verkeerslachtoffers te betreuren zullen zijn.

Om dit te bereiken heeft minister Grapperhaus een wetsvoorstel gemaakt om de strafmaxima te verhogen voor ernstige verkeersdelicten, waaronder rijden onder invloed. Dit wetsvoorstel gaat nog deze week in consultatie.

Minister Van Nieuwenhuizen verlaagt in overleg met het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) de grens van het onderzoek naar de geschiktheid. Voor ervaren bestuurders ligt de grens nu op 1,8‰ en wordt deze mogelijk 1,3‰. Voor bestuurders die al eerder in de fout gingen wordt de grens mogelijk verlaagd van 1,3‰ naar 1,0‰. Hoe lager de grens hoe eerder het rijbewijs ongeldig is en hoe sneller deze bestuurders verboden wordt de weg op te gaan. Het plan wordt nu verder uitgewerkt en volgt dit voorjaar.

Bestuurs- en strafrecht
Verder stellen de ministers maatregelen voor die de effectiviteit van de maatregelen en sancties verhogen en het stelsel van bestuurs- en strafrecht vereenvoudigen. In dat kader wordt onder meer voorgesteld de recidiveregeling ernstige verkeersdelicten te laten vervallen, omdat deze regeling het stelsel erg complex maakt en de effectiviteit beperkt is. Zeker als de grens van het onderzoek naar de geschiktheid wordt verlaagd. Onderzocht wordt of het rijbewijs op andere manieren, dan op grond van het onderzoek naar de geschiktheid, ongeldig kan worden verklaard. Bijvoorbeeld door de rechter de bevoegdheid te geven het rijbewijs ongeldig te verklaren. Ook wordt bezien of de rechter de mogelijkheid kan worden gegeven een ontzegging van de rijbevoegdheid dadelijk uitvoerbaar te verklaren, zodat wordt voorkomen dat de betrokkene aan het verkeer kan blijven deelnemen tijdens de behandeling van het hoger beroep. Daarnaast is het voorstel om het stelsel zo in te richten dat het bestuursrechtelijke traject (zoveel als mogelijk) is afgerond voordat de zaak strafrechtelijk wordt beoordeeld. Op deze manier weet de strafrechter bijvoorbeeld of de betreffende bestuurder al een onderzoek naar de geschiktheid opgelegd heeft gekregen en of hij hier al dan niet geschikt uit is gekomen, zodat hij kan afwegen of hij daarnaast nog een passende en effectieve straf kan opleggen.

Door uitspraken van de Hoge Raad en de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State werd eerder geconstateerd dat het alcoholslotprogramma niet meer kon worden toegepast in het bestuursrecht. Uit nader onderzoek is gebleken dat invoering van het alcoholslot in het strafrecht weinig meerwaarde biedt, omdat rechters het alcoholslot naar verwachting slechts in een beperkt aantal gevallen zullen opleggen. Daarnaast zijn er andere nadelen van het alcoholslot in het strafrecht. Zo blijkt uit een factsheet van SWOV dat het effect van het alcoholslot op recidive beperkt is tot de duur van het programma. Ook is het stelsel van het alcoholslot niet waterdicht. Er wordt een extra drempel opgeworpen om met alcohol op deel te nemen aan het verkeer, maar niet voorkomen kan worden dat personen die te veel hebben gedronken alsnog een ander voertuig nemen of anderen laten blazen.

De voorkeur gaat uit naar de eerder hierboven genoemde maatregelen. Ook kijkt het kabinet met veel belangstelling naar de proef met de zogeheten Alcoholmeter. Met de Alcoholmeter wordt het gebruik van alcohol continu gemeten. De Alcoholmeter is gekoppeld aan het alcoholverbod, een van de bijzondere voorwaarden die de rechter kan opleggen bij een voorwaardelijk opgelegde sanctie na het plegen van een delict onder invloed van alcohol. De proef loopt tot eind 2018. Uit de eerste ervaringen blijkt dat Alcoholmeter bijdraagt aan een gedragsverandering om af te zien van alcohol.

Bron: Ministerie van Justitie en Veiligheid

2017 Yamaha Motor MT 07 Tracer 700 politie wijksurveillance RB

Gerelateerde artikelen

Plaats reactie

Beveiligingscode Vernieuwen

  • Pinterest
Ga

Revit Nieuwsmotor mei